Mensgericht maatwerk
Omdat veel cliënten kampen met ernstige ziekten of aandoeningen, zijn vrijwel alle 21 coaches paramedisch opgeleid. Kastelein: “Veel mensen hebben hun verhaal al vele keren moeten vertellen. Wij willen hen zo snel mogelijk op weg helpen, zonder dat ze wéér helemaal opnieuw moeten beginnen. We kijken daarbij vooral wat iemand wél kan en begeleiden met maatwerk dat sterk gericht is op de individuele persoon. We werken bijvoorbeeld niet met groepen, maar kijken vooral wat een individu nodig heeft om stappen vooruit te zetten. Duurzaam werk is het hoogste doel, maar als dat niet mogelijk is, kunnen het ook andere participatiestappen zijn. Bijvoorbeeld vrijwilligerswerk, dat ook heel nuttig en waardevol is.”
Kastelein praat met zichtbare passie over het werk en verwacht dezelfde houding van zijn team. “Zo willen wij echt het verschil maken voor al deze mensen, die dat ook verdienen nadat ze zoveel ellende voor hun kiezen hebben gekregen. Daarvoor willen wij het maximale geven en nooit het gevoel hebben dat we achteraf iets hebben laten liggen.”
Betrokkenheid en samenwerking
Die betrokkenheid blijkt ook uit de maatschappelijke partnerschappen die Bureau Volzin aangaat. Ze werken onder andere samen met UWV, gemeenten, het Rode Kruis, revalidatie-initiatieven, programma’s voor reumatologie, NAH en een maatschappelijk fitnessprogramma. In de regio Rijnmond zetten coaches zich al acht jaar in voor JINC, dat samen met bedrijven en scholen strijdt voor gelijke kansen voor jongeren uit ‘probleemwijken’. “De Randstad – zeker Rotterdam – kent groeiende sociaaleconomische uitdagingen. Wij willen helpen bijdragen aan oplossingen en in dit geval betere kansen voor jongeren.”
Twee keer per jaar starten trajecten waarin coaches van Bureau Volzin jongeren zonder vergoeding ondersteunen, onbetaald. “Bijvoorbeeld om hen goed voor te bereiden op het solliciteren of als zij hulp nodig hebben om zelf te ondernemen. Ook hier telt het maatwerk. Dit is geen re-integratie, maar we helpen mensen wel om stappen vooruit te zetten op de arbeidsmarkt. Daarmee helpen wij ook de scholen en docenten die het zwaar hebben om de jongeren vooruit te helpen. Dat kunnen we als samenleving en bedrijven niet alleen bij de ouders en docenten laten liggen.”