REGIO INTERVIEW

Wethouder Tim Versnel over uitdagingen, oplossingen en samenwerking

“We moeten versnellen, het poldermodel was daarvoor zeer krachtig”

De regio Rijnmond heeft van oudsher een sterk watergebonden economie. De huidige uitdaging is om te innoveren en de economie te verbreden. Goede publiek-private samenwerking is daarvoor cruciaal, benadrukt wethouder Tim Versnel van kerngemeente Rotterdam. De herinrichting van de arbeidsmarktinfrastructuur biedt kansen, maar vereist wel meer snelheid. Met meer harmonisatie van regels en één landelijk kernplatform als solide fundament onder de ICT en informatievoorziening.

Wat is kenmerkend aan de arbeidsmarkt in jullie regio?

“Er zijn veel watergebonden activiteiten. De Rotterdamse haven vormt logischerwijs de ruggengraat van de economie, maar ook andere gemeenten liggen langs het water en hebben een watergebonden oorsprong, van Schiedam tot Goeree-Overflakkee. Daarom zie je hier veel zakelijke dienstverlening en transport en logistiek, maar feitelijk is de zorg de grootste werkgever. Een groeispurt in de tweede helft van de twintigste eeuw met veel laaggeschoolde arbeid is nog steeds terug te zien in onze woningvoorraad, met veel relatief kleinere en betaalbare woningen. De uitdaging is nu vooral om te innoveren en de economie meer divers te maken.”

Hoe gaan jullie de gewenste verbreding en innovatie realiseren?

“Er wordt een toekomstvisie ontwikkeld voor onze regio door een panel van wetenschappers, experts en ondernemers. De analyse daarvoor is net gemaakt. De verdere uitwerking volgt nog, maar het is logisch dat onze havengebonden activiteiten blijven. Daarnaast is er een belangrijke rol voor de maakindustrie, maar er liggen ook kansen voor medische technologie, zeker gekoppeld aan het Erasmus MC als groot ziekenhuis. Om de verbreding te realiseren en nieuwe kansen te benutten, zijn omscholing en arbeidsmobiliteit van groot belang. Daarvoor is publiek-private samenwerking essentieel. Bijvoorbeeld om gezamenlijk de juiste ontwikkelpaden te ontwikkelen voor mensen. Gelukkig kent onze regio van oudsher al een sterke relatie tussen overheden en het bedrijfsleven. Daardoor zijn publieke en private partijen gewend om elkaar op te zoeken om oplossingen te creëren.”

“De regionale werkcentra kunnen een belangrijke rol spelen, maar er is wel één goed landelijk basisplatform nodig met alle informatie”

Tim Versnel, wethouder Rotterdam

Hoe kijkt u dan naar de hervormingsplannen voor de arbeidsmarkt?

“Ik ben een groot voorstander van de denkrichting, maar nog niet van de snelheid en de manier waarop we het realiseren. Dat kan en moet beter. Als iemand iets aan zijn been heeft, gaat hij naar een dokter. Maar wat als er iets met zijn werk of loopbaan is? Dan moet hij ook gewoon bij één duidelijke partij terechtkunnen. Het harmoniseren van de regels en mogelijkheden en één duidelijke loketfunctie is daarvoor belangrijk. De regionale werkcentra kunnen daarbij een belangrijke rol spelen, maar als basis is er wel één goed landelijk basisplatform nodig met alle data en informatie. Daarmee kunnen alle betrokkenen snel goede keuzes maken. Het ministerie zou bij die slag de leiding moeten nemen. Met meer uniformiteit in wat je goed centraal kunt regelen en waar de regio’s daarna – waar dat wenselijk is – hun eigen accenten op kunnen aanbrengen. Vereenvoudigen van de ICT is een belangrijke stap, maar het is ook complex om dat goed te doen. Dat vereist goede regie.”

Wat zijn belangrijke instrumenten voor de arbeidsmobiliteit en ontwikkelkansen in de regio Rijnmond?

“Een krachtig instrument is het Rijnmonds Arbeidsmarkt Perspectieffonds (RAP) voor vermindering van personeelstekorten en voor het vergroten van de participatie. Met de eerdere opbrengst van de verkoop van energiebedrijf Eneco is dit regionale fonds gecreëerd voor bijvoorbeeld omscholing en leerwerktrajecten. Dat werkt goed. Zo zijn al 1.600 mensen aan het werk geholpen in cruciale sectoren. Een belangrijke les was ook dat we dit alleen voor belangrijke maatschappelijke banen zijn gaan inzetten. Alle werkzoekenden en werkenden kunnen met scholingsvouchers van het fonds een opleiding aanvragen voor hun ontwikkeling. Uit een evaluatie is gebleken dat dit niet alleen meer arbeidsmobiliteit oplevert, maar dat werkenden hierdoor ook in hun inkomen erop vooruit gaan. Dit zijn dus echt krachtige hulpmiddelen.”

Welke oproep zou u willen doen aan werkgevers, de landelijke politiek, gemeenten en vakbonden om participatie voor iedereen mogelijk en succesvol te maken?

“Iedereen moet doordrongen zijn van het grote belang van goede samenwerking. Het Nederlandse ‘poldermodel’ was zeer krachtig om samen veel voor elkaar te krijgen. Er zijn nu grote uitdagingen – ook op de arbeidsmarkt – maar de samenwerking en veel ontwikkelingen staan stil. Terwijl we juist moeten versnellen om weer vooruit te gaan. Daar ligt ook een belangrijk uitdaging voor het nieuwe kabinet. Zeker voor de krappe arbeidsmarkt geldt daarbij dat we alle potentie die er is, moeten aanboren. Dat zie ik nu nog onvoldoende gebeuren. De juiste denkrichting en beweging zijn al in gang gezet, maar we moeten nu ook kunnen versnellen in alle regio’s.”